fbpx
Schade melden
MIJN BSB
Category: Advies

Studiefinanciering en bijverdienen

Alles over studiefinanciering, inkomen en bijverdienen.

Bijverdienen tijdens je studie of zelfs een eigen bedrijfje opzetten: het is financieel vaak noodzakelijk om alles te kunnen bekostigen, maar ook leuk en leerzaam. Waar moet je op letten?

 Print

Bijverdienen en studiefinanciering

Veel studenten hebben een bijbaan. Tot 2020 was er een grens aan het bedrag dat je mocht bijverdienen. Die bijverdiengrens is losgelaten. Ook mbo-studenten mogen nu onbeperkt bijverdienen naast hun studiefinanciering, net als ho-studenten. Tot nu toe mocht je ongeveer € 16.000 bijverdienen per kalenderjaar. Controleer hier de regels van studiefinanciering en bijverdienen.

Bijbaan en verzekeringen

Wanneer je bij een bedrijf werkt en je maakt daar per ongeluk iets kapot, dan is dat in de regel gedekt op de aansprakelijkheidsverzekering van het bedrijf of het uitzendbureau. Ook zijn zij verzekerd mocht jou iets overkomen in de uitoefening van je functie waardoor je een periode niet kunt werken.

Dat wordt een ander verhaal wanneer je als zelfstandige ergens werkt. Doe hier dus vooraf onderzoek naar.

Student en eigen bedrijf

Ook als student kun je een eigen bedrijf beginnen. Misschien ben je heel handig in het ontwerpen van websites, maak je mooie foto’s of heb je een eigen product ontwikkeld. Je kunt je bedrijf inschrijven bij de Kamer van Koophandel.

Wanneer je minder omzet dan 20.000 euro per jaar, dan kun je in aanmerking komen voor de Kleine Ondernemers Regeling (KOR), je hoeft dan geen btw te rekenen en geen btw-aangifte te doen.

Als zzp’er is het verstandig om je risico’s in kaart te brengen. Heb je een voorraad? Loop je het risico dat een bedrijf je aansprakelijk stelt voor een fout in je werk? Wat gebeurt er wanneer je schade toebrengt aan spullen van een opdrachtgever?

Ook ben je niet via de opdrachtgever verzekerd wanneer je bijvoorbeeld je been breekt en een tijdje niet kunt werken. Het ligt natuurlijk erg aan het type werk dat je doet hoe groot de risico’s zijn. Samen met je eerste financieel adviseur kun je deze in kaart brengen.

Werken en belasting

Wie werkt, betaalt belasting. In geval van een bijbaantje zal de werkgever de belasting automatisch inhouden op je salaris. Je kunt een deel daarvan terugvragen door aangifte te doen, wat tot vijf jaar terug mogelijk is. Zeker in geval van meerdere bijbaantjes is de kans groot dat je teveel belasting hebt betaald.

Als eigen ondernemer kan een boekhouder handig zijn. Die helpt je bij het indienen van de eventuele BTW-aangifte, bij het opmaken van de jaarrekening en het doen van de jaarlijkse aangifte inkomstenbelasting.

Je situatie verandert wanneer je klaar bent met studeren en een baan hebt gevonden. Lees waar je rekening mee moet houden bij je eerste baan.


Kan ik iets doen tegen een BKR-registratie?

Sta ik geregistreerd bij het Bureau Krediet Registratie? Bij veel mensen komt deze vraag boven wanneer ze een huis gaan kopen of een persoonlijke lening nodig hebben. Een (positieve) registratie kan immers het maximale leenbedrag begrenzen. En met een negatieve registratie kan het moeilijk worden om überhaupt een krediet te krijgen.

Een registratie bij BKR komt heel vaak voor. Zelfs een telefoon die op afbetaling wordt gekocht staat er geregistreerd. En denk ook aan het private lease contract voor een auto. Of een persoonlijk krediet. Een hypotheek is er trouwens niet bekend, maar het is weer wél bekend wanneer er een achterstand in de maandbetalingen is ontstaan. Ook een studieschuld staat niet bij het BKR geregistreerd, maar deze is door een geldverstrekker wel op te vragen bij de Dienst Uitvoering Onderwijs (DUO)

Positief en negatief

Een registratie is positief zolang je het krediet gewoon terugbetaalt zoals afgesproken. De registratie kan dan wel je maximale leenruimte beperken. Een registratie wordt negatief wanneer je bijvoorbeeld maandtermijnen gemist hebt, er een betalingsregeling is getroffen of wanneer je onbereikbaar was voor de kredietverstrekker.

Last van

Heb je last van een negatieve registratie uit het verleden omdat je bijvoorbeeld geen hypotheek kunt krijgen dan kun je in gesprek gaan met de kredietverstrekker en vragen of er een herbeoordeling kan plaatsvinden. Het is belangrijk om je eigen positie en de belemmeringen die je ervaart dan goed uit te leggen. Slaagt dit niet, dan kun je je wenden tot het Klachteninstituut Financiële Dienstverlening (Kifid). De Geschillencommissie zal dan een belangenafweging maken. Lees hier meer over hoe dat gaat

Tip

Voorzie je achterstanden omdat het financieel niet zo lekker gaat? Zit dan niet stil, maar kom in actie. Neem (samen met je financieel adviseur) contact op met je kredietverstrekker en maak betalingsafspraken. Geef inzicht in je financiële positie en stel een betalingsregeling voor. Dit proactieve gedrag werkt in je voordeel wanneer je later een negatieve registratie wilt aanvechten.


Eigen woning complex onderdeel van scheiding

Het afhandelen van een scheiding, en dan vooral de verkoop of juist het behoud van de gezamenlijke woning, is voor veel mensen een moeizaam proces. Vaak hebben de partners geen afspraken gemaakt over de financiën na een breuk.

Adviesorganisatie De Hypotheker deed recent onderzoek onder 4.000 Nederlanders. Een kwart van de ondervraagden gaf aan dat zijn of haar relatie ooit is stukgelopen vanuit een huwelijk, geregistreerd partnerschap of samenlevingscontract. Bijna 60 procent van deze mensen was onvoldoende op de hoogte van de financiële gevolgen van de relatiebreuk. Bij 1 op de 5 van de gescheiden mensen kwam een van de partners door de scheiding in de financiële problemen.

Het afhandelen van de scheiding bleek voor een groot deel van de ondervraagden een moeizaam proces. Een kwart geeft aan dat zij meer hulp hadden kunnen gebruiken bij de financiële afwikkeling van hun relatiebreuk.

Stappenplan

Na een scheiding blijft regelmatig een van de twee partners in de koopwoning wonen. Een van de partners moet dan worden uitgekocht en de gezamenlijke hypotheek moet op één naam komen te staan. Daarvoor is nodig dat de bank de vertrekkende partner ontslag uit hoofdelijke aansprakelijkheid verleent. Finfin heeft daarvoor een handig stappenplan ontwikkeld dat je hier kunt vinden.

Heb je nooit afspraken over de financiën gemaakt tijdens de relatie dan kunnen er discussies ontstaan over bijvoorbeeld uitgaven aan de woning en de manier waarop dat nu verdeeld moet worden. Heeft een van tweeën bijvoorbeeld een verbouwing gefinancierd, meer eigen geld ingebracht of vaker een aflossing uit eigen middelen gedaan? Wat betekent dat dan voor de verdeling? Overleg al deze zaken met je financieel adviseur die je zonodig kan doorverwijzen naar een mediator.

Geldplan

Hoe sta je er na de scheiding financieel eigenlijk voor? Budgetinstituut Nibud heeft een ‘geldplan Scheiden’ ontworpen. In de tool beantwoord je enkele vragen over je persoonlijke situatie. Je vult het inkomen van jezelf en je partner in, de maandelijkse huurlasten/hypotheeklasten en het eigen vermogen zoals spaargeld. Op basis daarvan zie je een schatting, per persoon, van de inkomsten en uitgaven na scheiding. De tool geeft op basis van de gezinssamenstelling indicatieve bedragen voor boodschappen, kleding en vervoer. De bedragen zijn aan te passen aan jouw werkelijke situatie. Op die manier krijg je inzicht in de situatie na de scheiding.

NHG

Heb je een hypotheek met Nationale Hypotheek Garantie (NHG)? Dan heb je een extra vangnet in geval van een relatiebreuk. In sommige gevallen kan er een eenmalige aflossing worden gedaan waardoor de woonlasten betaalbaar worden voor een van de partners. Je adviseur kan je met dit traject helpen.


Schenken in 2024, dit zijn de mogelijkheden

Ben je in de prettige positie om geld te schenken aan je kinderen, andere familieleden of derden? Dan is het goed om te weten wat er in 2024 belastingvrij mogelijk is.

Waarom schenken?

Schenken is leuk voor de ontvanger, maar ook voor degene die schenkt! Niet alleen omdat het fijn is een ander te kunnen helpen, maar ook omdat het goed kan passen in je vermogens- en estateplanning. Over het geld dat je schenkt hoef je geen vermogensbelasting te betalen. Ook verklein je je vermogen zodat erfgenamen minder erfbelasting verschuldigd zijn. Blijf je binnen de vrijstelling, dan hoeft de ontvanger van de schenking er geen belasting over te betalen.

Let op: het spaargeld van minderjarige kinderen wordt bij het vermogen van de ouders geteld.

Jaarlijkse vrijstelling

Wil je je kinderen een financieel steuntje in de rug geven? Je mag in 2024 aan elk van je kinderen (ook stief- en pleegkinderen) maximaal € 6.633 belastingvrij schenken. Dit is een jaarlijkse vrijstelling, de bedragen worden elk jaar opnieuw vastgesteld. Voor andere personen (bijvoorbeeld andere familie, maar ook derden) ligt die grens in 2024 op € 2.658. De ontvanger mag zelf weten wat hij of zij met het geld doet, er is dus geen verplicht bestedingsdoel. Ook is er geen leeftijdsgrens.

Partners

Schenkingen van partners worden als één schenking gezien: dus krijg je zowel geld van opa als van oma, dan geldt dat als één schenking. Je moet dan de bedragen bij elkaar optellen. Kom je boven de vrijstelling uit, dan moet je aangifte doen en schenkbelasting betalen. Andersom geldt dit ook. Krijgen jij en je partner beide een schenking van dezelfde persoon, dan moeten jullie de waarden bij elkaar optellen.

Eenmalige vrijstelling

Naast de jaarlijkse vrijstelling is er binnen de ouder-kindrelatie een eenmalige verhoogde vrijstelling mogelijk. Hier geldt, in tegenstelling tot de jaarlijkse vrijstelling, wel een leeftijdsgrens. De ontvanger moet op het moment van de schenking tussen de 18 en 40 jaar zijn óf een partner hebben tussen de 18 en 40 jaar. Het gaat hierbij om twee bestedingsdoelen: een dure studie (maximaal € 66.268) of een vrij besteedbaar bedrag (maximaal € 31.813).
Let op: de ontvanger van de schenking moet wel aangifte schenkbelasting doen en op die manier laten weten dat er van de vrijstelling gebruik wordt gemaakt.

Eigen woning

De specifieke vrijstelling ten behoeve van de eigen woning (jubelton) bestaat niet meer en was in 2023 al zwaar naar beneden bijgesteld. Het was tot vorig jaar ook mogelijk om als ‘derde’ zo’n eenmalige belastingvrije schenking te doen zolang het bestedingsdoel de eigen woning was. Dat kan niet meer. Ouders kunnen hun kinderen onder de noemer ‘vrij besteedbaar bedrag’ nog wel een belastingvrije schenking voor de eigen woning geven.

Boven de vrijstelling

Wat als een schenking boven de vrijstelling uitkomt? Dan moet er door de ontvanger schenkbelasting worden betaald. Het bedrag is afhankelijk van de relatie met de schenker. De percentages lees je hier.


Tien tips om slim(mer) met je spaargeld om te gaan

We sparen minder dan tijdens de coronacrisis, maar door de gestegen rente gaan we wel weer strategischer met ons spaargeld om. Heeft jouw huishouden al een spaarstrategie?

De Nederlandsche Bank (DNB) deed onderzoek naar het spaargedrag van Nederlanders. Hun tegoeden op betaal- en spaarrekeningen namen in 2023 met € 14,9 miljard toe, vergelijkbaar met de periode voor corona. In de jaren dat het virus ons in de greep had, bleef het inkomen van de meeste huishoudens door de overheidssteun veelal op peil, terwijl de lockdowns ervoor zorgden dat we minder uitgaven en meer spaarden.

Betaal -of spaarrekening

Van de miljarden aan banktegoeden die huishoudens in Nederland aanhouden, staat bijna 80% op spaarrekeningen. Het overige deel is op betaalrekeningen gestald. Volgens DNB verplaatsten veel huishoudens hun geld het afgelopen jaar naar een spaarrekening vanwege de hogere rente die ze daar kunnen krijgen.

Rentevergoeding

In 2023 werd ruim € 1,7 miljard rente bijgeschreven op Nederlandse spaarrekeningen. Dat is ruim drie keer zoveel als in 2022, toen slechts € 0,5 miljard werd bijgeschreven. De rente op spaarrekeningen is sinds de zomer van 2022 gestaag toegenomen. Ter vergelijking: in 2012 piekte de bijgeschreven rente op spaarrekeningen nog op € 6,0 miljard!

Tien tips voor een spaarstrategie

Waar sommige huishoudens in ‘het wilde weg’ sparen, hebben andere een doordachte spaarstrategie. Met behulp van de volgende tips kun jij er ook een ontwikkelen.

  1. Het Nibud heeft als vuistregel om tien procent van je inkomen te sparen voor onverwachte kosten. Met de BufferBerekenaar kun je uitrekenen wat in jouw situatie verstandig is. Is de buffer op orde, dan kun je gaan sparen voor andere doelen zoals een mooie reis of een verbouwing.
  2. Je kunt sparen bij de bank waar je ook een betaalrekening hebt, maar dat hoeft niet. Een spaarrekening bij een andere bank kan het makkelijker maken om het geld op de spaarrekening te laten staan.
  3. Op een betaalrekening krijg je vaak geen of heel weinig rente. Laat daar dus niet al te hoge bedragen op staan. En spaar zodra je salaris binnenkomt: dus betaal eerst jezelf.
  4. Vind je het moeilijk om die geadviseerde tien procent te sparen? Een handig startpunt is om al je inkomsten en uitgaven eerst eens op een rijtje te zetten. Dit stappenplan van Wijzer in Geldzaken helpt je daarbij. Zo zet je je vaste lasten en dagelijkse uitgaven op een rij en kun je daarna heel gericht kijken op welke categorie je wilt en kunt besparen.
  5. Ga je spaarrentes vergelijken, let op de voorwaarden. Soms geldt de hoge rente slechts voor een bepaalde periode of voor een bepaald bedrag aan spaargeld. Ook geldt soms als voorwaarde dat je ook een betaalrekening opent. Let hierbij op de maandelijkse kosten.
  6. Let er bij het vergelijken altijd op of de bank van je keuze onder het Nederlandse depositogarantiestelsel valt. Dat is de garantie dat je het geld op je bankrekeningen tot 100.000 euro terugkrijgt wanneer je bank onverhoopt failliet gaat. (Deze grens van een ton geldt per persoon, niet per rekening. Houd er ook rekening mee dat banken meerdere merknamen kunnen hebben. De bescherming geldt per bank, niet per merknaam.)
  7. Kun je je geld langere tijd missen, dan is ook een termijndeposito het overwegen waard. Je ontvangt dan een hogere vaste rente, maar je geld staat vast voor een periode die kan variëren van enkele maanden tot wel vijf of tien jaar. Besef goed dat je in die periode niet bij je geld kunt (tenzij je een boete betaalt of wanneer er sprake is van een uitzonderingssituatie), ook niet als de rente verder blijft stijgen.
  8. Sommige banken geven korting op de hypotheekrente wanneer je bij dezelfde bank een actieve betaalrekening aanhoudt (je salaris komt er op binnen en/of je verricht een minimumaantal transacties per maand). Ontvang jij zo’n korting, zeg de betaalrekening dan niet zomaar op, want dan kan het overstappen weleens nadelig voor je uitpakken. Weet je niet of je die korting krijgt, vraag het je hypotheekadviseur of hypotheekaanbieder.
  9. Wanneer je spaargeld boven een bepaalde grens uitkomt (in 2024 ligt die grens op € 57.000 voor alleenstaanden en op het dubbele voor fiscale partners ) dan moet je er belasting over betalen.
  10. Zorg dat sparen onderdeel is of wordt van je financiële planning. Heb je een flinke pot opgebouwd, dan loont het wellicht om energiebesparende maatregelen te treffen of een stukje af te lossen op de hypotheek. Maar misschien is het in jouw situatie ook een goed idee om wat aanvullend pensioen op te bouwen en het geld in een lijfrente te storten. Of misschien wil je je kinderen een bedrag schenken. Je financieel adviseur kan met je meedenken.

Is je auto klaar voor de winter(sport)?

Doe de winterklaar check!

Veel autobedrijven bieden aan om je auto te controleren op de belangrijkste veiligheidspunten voor de winter. Soms doen ze zo’n winterbeurt of winterinspectie zelfs gratis. Je auto wordt gecontroleerd op de banden, remmen, ruitenwissers, vloeistoffen, elektrische systemen en accu, verlichting en sloten. Voor je jouw auto naar de garage brengt, kun je een aantal winteraandachtspunten ook zelf alvast controleren. Zo kun je de eventuele kosten beperken.

Winterbanden met een goede bandenspanning

Winterbanden hebben veel meer grip op de weg wanneer er sneeuw en ijs ligt. Maar ook op droge wegen zijn winterbanden veiliger bij lage temperaturen. Tijdens winterse omstandigheden en bij een wintersportvakantie is het daarom veel veiliger om te rijden met winterbanden. Daarnaast is het verstandig om naar een wintersportgebied sneeuwkettingen mee te nemen. In sommige landen zijn winterbanden en sneeuwkettingen zelfs verplicht.

> Bekijk hier de regels per land

Een goede bandenspanning is veilig. Het zorgt voor een betere wegligging en een kortere remweg. Daarnaast levert het minder slijtage op en bespaart het op brandstofverbruik. Ieder merk banden heeft een eigen bandenspanningstabel waarop staat wat de juiste bandenspanning voor jouw band, auto en belading is. Vaak vind je deze tabel in je tankdop. Bij het benzinestation kun je je band weer op de juiste spanning brengen.

Koelvloeistof (antivries) koelt motor en voert warmte af

Het is van belang dat er voldoende koelvloeistof (of antivries) in je auto aanwezig is. Dit zorgt voor het afkoelen van de motor en het afvoeren van de warmte via de radiator. Met een antivriesmeter kun je controleren of de koelvloeistof nog voldoende beschermt tegen vorst. Erg belangrijk, want bevroren koelvloeistof werkt niet, waardoor de motor tijdens het rijden niet gekoeld wordt en er grote schade aan de motor kan ontstaan. Controleer de koelvloeistof wanneer de motor volledig is afgekoeld en niet loopt. Op het reservoir is af te lezen of het koelvloeistofniveau nog voldoende is. Onvoldoende koelvloeistof kun je zelf aanvullen.

 
Winter ruitenwisservloeistof bij lage temperaturen

Voor de winter is er speciale ruitenwisservloeistof. Deze vloeistof kan vaak tegen temperaturen tot -20 graden Celsius. Bij het rijden op snelwegen kan door de rijwind de temperatuur dalen, daarom is het aan te raden om in een wintersportgebied de winter ruitenwisservloeistof puur te gebruiken. Haal wel eerst de zomervloeistof uit het reservoir voor je de wintervloeistof erin doet, zodat je de vloeistof niet verdunt. In een wintersportgebied heb je ook meer last van opspattend water met pekel en vuil, waardoor je waarschijnlijk meer vloeistof verbruikt dan normaal. Let er daarom op dat het reservoir vol is.

Bij extreme kou kan het alsnog voorkomen dat de ruitenwisservloeistof bevriest. Probeer in dat geval het gebruik van de ruitenwissers te beperken. Een voorruit die vuil is van opspattend water met pekel geeft een nog slechter zicht na gebruik van de ruitenwisser zonder vloeistof. Probeer zo snel mogelijk op een veilige plaats de voorruit schoon te poetsen met sneeuw of water. Zijn de sproeikopjes vuil of bevroren, prik deze dan voorzichtig door met een naald. Denk er dus aan ook een naald in de auto te hebben.

 

Ruitenwissers voor goed zicht

Door opspattend water met pekel en vuil wordt de voorruit sneller vuil en het zicht beperkt. Zijn de ruitenwissers verouderd, dan wordt het rubber hard. Bij koude temperaturen, en zeker in een wintersportgebied, neemt de werking dan af. Laten de ruitenwissers strepen of een waas achter, maken ze een schurend rubber geluid of laten er delen los, dan moet je ze vervangen. Om te voorkomen dat de ruitenwissers bij vorst, ijzel en sneeuwval vastvriezen aan de voorruit, kun je de ruitenwissers omhoog zetten tijdens de nacht of wanneer je de auto langdurig parkeert.

 

Verlichting voor veiligheid

Bij koud weer kunnen oude lampen ineens kapot gaan. Controleer daarom de werking van de verschillende lichtvormen: groot licht, dimlicht, knipperlichten, remlichten en mistlampen. Als de verlichting van de koplamp kapot is, vervang dan meteen beide lampen. Je kunt ervan uitgaan dat de andere lamp binnenkort ook moet worden vervangen. Ook voorkom je zo dat je twee verschillende soorten licht voert. En zorg er daarnaast altijd voor dat je een complete set reservelampen in je auto hebt liggen.


Spaargeld en kosten koophuis

Welke kosten komen er bij een koopwoning kijken, en kan ik een huis kopen zonder spaargeld?

Starters (kopers tussen de 18 en 35 jaar) betalen sinds 2021 eenmalig geen overdrachtsbelasting. Maar met welke kosten moet je eigenlijk nog meer rekening houden wanneer je een eigen koophuis aanschaft?

Omdat het sinds enkele jaren niet langer mogelijk is om de ‘kosten koper’ mee te financieren met je hypotheek, zul je eigen geld mee moeten inbrengen wanneer je een huis koopt. Veel starters vragen zich af hoe hoog dat bedrag moet zijn. Hieronder vind je een aantal vaste elementen die je kunnen helpen om het bedrag goed in te schatten.

Heb je een woning te verkopen of ga jij je eerste huis kopen?

Vrijstelling overdrachtsbelasting

Sinds 2021 betalen huizenkopers jonger dan 35 jaar die een huis kopen om daar zelf in te gaan wonen, eenmalig geen overdrachtsbelasting. De woning mag niet duurder zijn dan 440.000 euro (2023), in 2024 schuift die grens naar 510.000 euro. Weten wat alle regels zijn? Je vindt ze hier: vrijstelling overdrachtsbelasting: 

De vrijstelling geldt voor iedere koper afzonderlijk. Koop je een duurder huis, dan betaal je nog steeds 2 procent overdrachtsbelasting over het hele bedrag.

Hypotheekadvies

De kosten voor hypotheekadvies variëren. Sommige partijen bieden speciaal voor starters lagere tarieven. Een onafhankelijk adviseur vergelijkt de rentes en voorwaarden van verschillende aanbieders op de markt.

Daardoor betaal je voor een onafhankelijke adviseur vaak wat meer dan bij de bank zelf. Uit onderzoek blijkt dat je met een onafhankelijk adviseur doorgaans een lagere rente betaalt, elke maand opnieuw.

Een onafhankelijk adviseur geeft een compleet advies: dat betekent dat ook de situaties bij een (hoge) studieschuld, werkloosheid, arbeidsongeschiktheid en overlijden in kaart worden gebracht.

Ook zal de adviseur met je bespreken wat je belangrijk vindt: wil je veel geld besteden aan ‘wonen’ en wat blijft er dan over? Wat zijn de toekomstplannen en wat betekenen die voor je bestedingsruimte?

Je kunt ook alles zelf doen (execution only), je krijgt dan géén advies en betaalt alleen bemiddelingskosten. Doe dit alleen wanneer je precies weet wat je wilt, als je beschikt over financiële kennis en doorziet hoe een hypotheek werkt.

Vaak blijken doe-het-zelvers na het maken van de verplichte kennis- en ervaringstoets alsnog een adviseur te raadplegen. Lees hier meer over je eerste financieel adviseur.

Borgtocht NHG

Voor een woning met een koopsom van maximaal € 405.000 (grens 2023) kun je kiezen voor Nationale Hypotheek Garantie. Dit levert je behalve een rentekorting, ook een vangnet op bij onvoorziene omstandigheden. De kosten bedragen eenmalig 0,6 procent van de totale lening. In 2024 stijgt de grens naar 435.000 euro.

Notariskosten

Wie koopt, mag kiezen. Althans, als het om de notaris gaat. Je moet betalen voor een hypotheekakte en een leveringsakte en de inschrijving daarvan in het Kadaster. Het loont de moeite om de tarieven te vergelijken. Ze lopen namelijk nogal uiteen van € 750 tot € 1700.

Taxatie en bouwkundige keuring

Voordat een geldverstrekker je hypotheekaanvraag zal goedkeuren, is er een taxatierapport nodig. Dit kost tegenwoordig tussen de 650 en 900 euro. Voor een wat ouder pand is een bouwkundige keuring geen overbodige luxe. Reken hiervoor op zo’n 400 euro. Dit laatste is overigens in tegenstelling tot de taxatie geen verplichting.

Bankgarantie

Met een bankgarantie regel je dat de bank garant staat voor de waarborgsom die je verschuldigd bent wanneer de koop onverhoopt niet door kan gaan. De waarborgsom bedraagt tien procent van de koopsom. De kosten voor een garantie zijn vervolgens doorgaans 1 procent van de waarborgsom.

Makelaarskosten

Heb je een aankoopmakelaar in de arm genomen, dan brengt dat kosten met zich mee. De tarieven variëren nogal. Denk aan tussen de 1,2 en 1,5 procent van de aankoopsom. Al zijn er ook makelaars die voor een vast tarief werken.

Welke kosten zijn aftrekbaar?

Een aantal van deze kosten kun je aftrekken wanneer je je aangifte inkomstenbelasting doet. Het gaat dan om de advies- en bemiddelingskosten voor de hypotheek, de notariskosten voor de hypotheekakte, de kosten voor het taxatierapport én de kosten voor NHG. Een mooie aftrekpost dus!


Dit is waarom ontbindende voorwaarden belangrijk zijn

Veel huizenkopers zijn bereid om de ontbindende voorwaarden in het voorlopig koopcontract te schrappen als ze op die manier meer kans maken op de woning. Je loopt dan echter wel een groot financieel risico.

Uit een enquête van Makelaarsland blijkt dat 14 procent van de ondervraagden überhaupt niet van plan is om ontbindende voorwaarden op te nemen wanneer ze een bod doen. Een groter percentage, 45 procent, staat ‘welwillend’ tegenover het idee om de voorwaarden te laten vallen wanneer ze zo meer kans maken om de slag om de woning te winnen.

Hoe zit het ook alweer?

Na het tekenen van het voorlopig koopcontract heb je drie dagen wettelijke bedenktijd. Je kunt dan zonder opgave van redenen van de woning af. Is die periode verstreken, dan kun je alleen nog kosteloos van de koop af wanneer je je kunt beroepen op ontbindende voorwaarden.

Welke ontbindende voorwaarden zijn er?

  • Het voorbehoud van financiering is de belangrijkste. Met deze voorwaarde ben je beschermd wanneer een hypotheekverstrekker je het benodigde bedrag niet wil lenen. Je moet meestal wel twee afwijzingen kunnen laten zien. Soms koppelen huizenkopers ook de Nationale Hypotheek Garantie aan deze voorwaarde: lukt het niet om een hypotheek met NHG te verkrijgen, dan kunnen ze onder de koop uit.
  • Het voorbehoud van bouwkundige keuring is een belangrijke tweede. Vaak wordt er dan een drempelbedrag opgenomen in het voorlopig koopcontract. Bijvoorbeeld: wanneer de herstelkosten van de geconstateerde gebreken de tienduizend euro te boven gaan, kan de koper het contract kosteloos ontbinden.
  • Een derde is het voorbehoud van verkoop eigen woning. Je neemt dan een datum op wanneer de woning van de koper verkocht moet zijn.

Geen ontbindende voorwaarden?

Heb je géén ontbindende voorwaarden opgenomen en moet je na de bedenktijd toch ontbinden, dan ben je in de regel tien procent van de koopsom verschuldigd. Dat bedrag kan hoger worden wanneer de verkopers kunnen aantonen dat hun schade hoger is.
Ook kan het voorkomen dat je wél ontbindende voorwaarden hebt opgenomen, maar dat je niet aan de eisen voldoet om ze in te mogen roepen. Je laat bijvoorbeeld slechts één afwijzing van een bank zien, terwijl er volgens het koopcontract twee vereist zijn. Ook moet je serieus met de ontbindende voorwaarden omspringen, lees daarover hier meer

Wat kan er nou eigenlijk misgaan?

Waar zijn die voorbehouden nou écht voor nodig, vragen veel huizenkopers zich af. Ik heb toch online een berekening gemaakt en dit is het bedrag dat ik kan lenen. Toch kan er iets misgaan. Bijvoorbeeld omdat de bank de woning lager taxeert dan de koopprijs die jij moet betalen: je zit dan met een gat in je financiering. Of omdat er toch een BKR-registratie of studieschuld opduikt die je leenruimte verkleint. Maar ook een onverwacht ontslag komt voor. Let op: veel banken en advieskantoren werken tegenwoordig met een hypotheekverklaring die meer zekerheid biedt: informeer er naar bij je hypotheekadviseur.

Zie je af van het voorbehoud van bouwkundige keuring, dan sta je minder sterk wanneer er toch iets met het huis blijkt te zijn. De verkoper heeft een mededelingsplicht, maar als koper heb je een onderzoeksplicht. Met een keuring vul je die onderzoeksplicht voor een groot deel in. Het is heel lastig om achteraf aan te tonen dat de verkoper een bepaald gebrek bewust heeft verzwegen. Zeker in geval van een wat oudere woning is het verstandig om een bouwkundige te laten komen. Je kunt dan nog van de koop af, of opnieuw in onderhandeling gaan om een lagere prijs te bewerkstelligen.


Box 3 in 2024: hoeveel belasting moet je betalen?

Als je belegt, spaargeld hebt of bezittingen zoals bijvoorbeeld een tweede huis in Nederland, dan is de kans groot dat je in 2024 box 3-belasting moet betalen. Maar hoeveel precies? Dat is nog een hele rekensom. Er is al jaren veel te doen over de box 3-belasting of vermogensrendementsheffing, zoals die officieel heet. Over drie jaar komt er een nieuw stelsel. Vanaf dan wordt het feitelijke rendement van je bezittingen belast. Tot die tijd gaat de Belastingdienst uit van een fictief rendement.

Rendement

Een fictief rendement wil zeggen dat er een aanname wordt gedaan wat gemiddeld ongeveer het rendement zou moeten zijn. Voor spaargeld is dat denkbeeldige rendement in 2024 voorlopig vastgesteld op 1,03%. Voor beleggingen en andere bezittingen gaat de Belastingdienst in 2024 uit van 6,04% rendement. 

In 2024 betaal je 36% belasting over dat rendement. Dat is 4% meer dan in 2023. 

Drempelbedrag en heffingsvrij vermogen

Heb je daarnaast schulden die in box 3 vallen, bijvoorbeeld omdat je een lening hebt? Dan mag je die aftrekken tegen een percentage van 2,47%. Maar daarmee ben je er nog niet. Zo geldt er voor schulden een drempelbedrag. Dit betekent dat je niet de hele schuld mag meenemen in de berekening. 

Daar staat tegenover dat een deel van jouw bezittingen onder het heffingsvrije vermogen valt. Dat gaat in 2024 niet omhoog en bedraagt € 57.000 per fiscale partner. Over dit deel van je vermogen hoef je geen belasting te betalen.

Definitieve percentages

Nog een belangrijk detail: alleen het genoemde percentage van 6,04% voor beleggingen en andere bezittingen staat al vast. De percentages voor banktegoeden en schulden zijn nog voorlopig. Pas begin 2025 bepaalt de Belastingdienst de percentages hiervoor en verwerkt die aansluitend in jouw definitieve belastingaanslag.

Ingewikkelde berekening

Zelfs als je alleenstaand bent en enkel spaargeld en een lening hebt, kan de berekening van de box 3-belasting al ingewikkeld zijn. Laat staan als je spaargeld, beleggingen, schulden én een fiscaal partner hebt. Op deze pagina op de website van de Belastingdienst(Opens in a new window) zijn drie voorbeelden uitgewerkt.

Meer informatie

Heb je vragen naar aanleiding van dit bericht? Stel ze me gerust! Als Erkend Financieel Adviseur ben ik specialist op het gebied van geldzaken. Daarnaast heb ik een uitgebreid netwerk van andere professionals, zoals bijvoorbeeld belastingexperts en accountants. Wij helpen je graag verder.


Welke verzekeringen heb ik nodig?

Alle soorten verzekeringen die je nodig hebt zodra je 18 bent.

Op eigen benen betekent ook je eigen verzekeringsportefeuille. Welke verzekeringen zijn verplicht? En met welke verzekeringen kun je nog een tijdje meeliften op die van je ouders?

Zorgverzekering
Een zorgverzekering is verplicht. Vanaf je achttiende ben je niet meer automatisch meeverzekerd op de gezinspolis van je ouders. Deze moet je dus zelf regelen. Verschillende zorgverzekeraars bieden aanvullende pakketten aan die specifiek gericht zijn op studenten.

En vergeet niet om na te gaan of je recht hebt op zorgtoeslag. Op de website van de Belastingdienst kun je zorgtoeslag aanvragen.

Inboedelverzekering
Ben je voor studie uitwonend:

Studentenhuizen hebben over het algemeen niet de beste sloten, en je laptop is zo van je bureau gestolen. Sluit een goede (studenten) inboedel verzekering af waarmee je je inboedel veilig stelt.

Check overigens de voorwaarden goed: welke spullen zijn meeverzekerd en welke niet? Ook stellen sommige verzekeraars als voorwaarde dat de deur van je kamer op slot kan. Vraag ook aan je huisbaas of die mogelijk al voor het hele huis een inboedelverzekering heeft afgesloten.

Aansprakelijkheidsverzekering
Let op dat je je niet dubbel verzekert. Op de polis van je ouders kunnen namelijk studerende uitwonende kinderen meeverzekerd zijn! Wanneer je afgestudeerd bent, zul je het in ieder geval zelf moeten regelen.

Een ongeluk zit in een klein hoekje: je morst bier over de laptop van je huisgenoot of je fietst tegen een auto aan. Met een aansprakelijkheidsverzekering ben je in ieder geval verzekerd voor dit soort ongelukjes.

Reisverzekering
Soms mogen studerende, uitwonende kinderen meeliften op de polis van een doorlopende reisverzekering van de ouders. Hebben je ouders niet zo’n verzekering, dan kun je er zelf een afsluiten, of, als je niet vaak reist, per keer een kortlopende verzekering sluiten. Let er wel op dat je een eigen polis afsluit wanneer je studietijd voorbij is.

Fietsverzekering
Als je in een grote studentenstad gaat wonen, loop je het risico dat je fiets gestolen wordt. Als je die nieuwe fiets niet uit eigen zak wilt betalen, dan kun je je stalen ros verzekeren.


schademelden
mijn BSB