Een domper op je vakantieplezier: je bent bestolen. Of het nou om al je bagage gaat of om ‘slechts’ je favoriete zonnebril, het is natuurlijk ontzettend vervelend wanneer dat gebeurt. Gelukkig ben je goed verzekerd. Toch kan het gebeuren dat de verzekeraar de schade niet vergoedt. Hoe zit dat?

Het kan voelen als een tweede teleurstelling. Nadat je bagage is gestolen kom je er achter dat de reisverzekeraar niet wil uitkeren. Hoe zit dat? Je hebt toch een prima reisverzekering afgesloten en bent te goeder trouw: je kon er toch niets aan doen? In dat laatste schuilt het antwoord. Een verzekeraar verwacht dat je goed op je spullen let. Voorzichtig bent. Ook op reis.

Voorwaarden

Wat de verzekeraar precies van je mag verwachten, hangt af van een aantal zaken. Zo is van belang wat er precies in de verzekeringsvoorwaarden staat. Soms schrijven die bijvoorbeeld strikt voor dat bagage in een auto niet zichtbaar mag zijn. Of dat bagage op de meest veilige plek bewaard moet worden, bijvoorbeeld in een hotelkamer en niet in de auto op de parkeerplaats. Houd je je daar niet aan, dan wordt het heel lastig om de schade vergoed te krijgen.

Situatie

Ook is de situatie ter plekke van belang. Wat speelde er precies op het moment dat de diefstal plaatsvond? Werd je heel even afgeleid of heb je je bagage langere tijd uit het oog verloren? Ook speelt het soort bagage een rol. Soms worden aan kostbare spullen extra eisen gesteld. Daarbij geldt wel dat de verzekeraar niet het onmogelijke mag vragen. Een verzekering wordt immers afgesloten met het oog op onvoorziene voorvallen.

Aanknopingspunten

Heb je een schadeclaim, dan kun je je financieel adviseur vragen om je te helpen bij de afwikkeling. Wil de verzekeraar niet uitkeren en vind je dat onterecht, dan kun je een klacht indienen bij het Klachteninstituut Financiële Dienstverlening (Kifid). Wanneer een dergelijke zaak behandeld wordt, kijkt het Kifid onder andere naar de volgende aspecten:

 

Je struikelt tijdens een feestje en stoot een tafeltje om. Rode wijn drupt op het vloerkleed. Geen zorgen, ik ben goed verzekerd, zeg je tegen de gastheer. Maar betekent dat ook dat de schade van de gastheer vergoed wordt?

Vrijwel alle Nederlanders hebben een Aansprakelijkheidsverzekering voor Particulieren (AVP) afgesloten. Je bent dan verzekerd wanneer je aansprakelijk wordt gesteld voor schade die je bij een ander hebt veroorzaakt.

Risico genomen

Maar: je moet dan ook wel aansprakelijk zijn. En daarvan is pas sprake wanneer je iets te verwijten valt. Bijvoorbeeld doordat je een regel hebt overtreden, teveel risico hebt genomen of onzorgvuldig te werk ging.

Je bent niet aansprakelijk wanneer zich een zogenaamde ongelukkige samenloop van omstandigheden voordoet. Dit kan het geval zijn wanneer twee of meer op zichzelf onschuldige gebeurtenissen samenkomen, waardoor schade ontstaat en waarbij de veroorzaker geen fout of nalatigheid kan worden verweten. Bijvoorbeeld een misstap, waardoor iemand tegen een tafeltje met glazen wijn valt dat vervolgens omkiepert. Je zou het pech of een ongelukje kunnen noemen.

Vriendendienst

Het is natuurlijk heel vervelend wanneer de ander met de schade blijft zitten. Zeg in ieder geval nooit toe dat je verzekeraar de schade wel zal vergoeden. Neem eerst contact op met je financieel adviseur of verzekeraar zodat zij het geval kunnen beoordelen. Er zijn overigens ook verzekeraars die deze schade wél vergoeden, vaak tot een maximum bedrag. Dat gebeurt bijvoorbeeld onder de noemer ‘vriendendienst’. Er ontstaan immers vaak van dit soort ongelukjes wanneer je een familielid of vriend helpt met verhuizen of klussen.

Inboedelverzekering

Veroorzaakt een vriend of familielid schade bij jou thuis? Het kan handiger zijn om de schade te claimen bij je eigen inboedelverzekering in plaats van de bij de aansprakelijkheidsverzekering van de ander. Dat heeft te maken met verschillen in vergoedingen, denk aan dagwaarde/nieuwwaarde. Soms geldt er bij de inboedelverzekering een eigen risico, wat je dan weer wel op de aansprakelijkheidsverzekering van de ander kunt verhalen. Je financieel adviseur kan je vertellen wat de beste route is.

Meer weten? Klachteninstituut Kifid krijgt regelmatig zaken binnen waarin verzekerden eisen dat de verzekeraar toch betaalt

Tijdens de coronacrisis werd beleggen voor veel Nederlanders, met name jongeren, een nieuwe hobby. Wel een riskante liefhebberij, want als belegger heb je nu eenmaal niet altijd de wind mee. Handelen op de beurs kan een verstandige keuze zijn, maar dan moet je wel het hoofd koel houden en niet teveel risico nemen.
Voorkom paniekgedrag

Een enorme dooddoener om mee te beginnen, maar wel een waarheid als een koe: beleg niet met geld dat je op korte termijn nodig hebt. Zo voorkom je paniekgedrag wanneer het slecht gaat op de beurs. Wanneer je belegt met geld dat je jaren kunt missen, hoef je niet meteen te handelen en kun je rustig afwachten tot het weer beter gaat.

Beleggen kán verstandig zijn

Het kan ook andersom: je hebt geld over maar belegt níet terwijl dat meer rendement zou opleveren dan sparen. Uit onderzoek van toezichthouder Autoriteit Financiële Markten (AFM) blijkt dat bijna de helft van de Nederlandse huishoudens voldoende financiële buffers heeft om te beleggen in plaats van te sparen, terwijl zij dat niet doen. Van de ruim 5 miljoen niet-beleggende huishoudens hadden er 3,1 miljoen na aftrek van een veilige buffer voor financiële tegenslagen ongeveer € 20.000 beschikbaar om te beleggen terwijl ze dat niet deden.

Saai maar verstandig

De AFM adviseert particuliere beleggers om te beleggen voor de lange termijn in een goed gespreide portefeuille met lage kosten. Dat betekent niet te veel handelen en niet te veel risico nemen. Deze ‘saaie’ maar volgens de AFM verstandige manier beleggen wordt niet altijd gevolgd. Een deel van de beleggers is geneigd om vaak te handelen en te snel te reageren op prijsschommelingen, waardoor ze onnodige kosten maken. Iedere transactie kost immers geld. Ook te weinig spreiding vergroot het risico, net als handelen in risicovolle producten.

Eén op de acht is te afhankelijk

Ongeveer één op de acht beleggers loopt volgens de AFM een groter risico om in de financiële problemen te komen, terwijl zij zich daar juist minder van bewust zijn. Zij vertonen handelsgedrag dat niet optimaal is (weinig spreiding, teveel handelen) en zijn tegelijk op de korte termijn afhankelijk van het geld. Bijna 40% van deze groep denkt veel geld te kunnen verdienen met beleggen. Ook maken ze meer gebruik van sociale media als informatiebron.

Tips op social media?

Wees voorzichtig met de tips van finfluencers: mensen die op social media actief zijn met posts over beleggingen. Ook de toezichthouder waarschuwt hiervoor. De meesten van hen hebben volgens de toezichthouder geen relevante financiële opleiding of werkervaring, terwijl ze door hun volgers wel als expert worden gezien. Kijk hier kritisch naar.

Zelf doen of uitbesteden?

Overweeg of ‘zelf doen’ voor jou wel echt het beste is. Heb je verstand van bepaalde markten? Weet je iets van aandelen en obligaties? En heel belangrijk: kun je het mentaal aan wanneer je je ingelegde bedrag met sprongen ziet dalen? Verdiep je ook goed in de kosten: wat moet je betalen per transactie en ben je daarnaast ook nog een maandelijkse of jaarlijkse service-fee kwijt? Kijk ook eens naar indexfondsen die vaak lagere kosten in rekening brengen omdat er minder transacties binnen het fonds gedaan worden.
Je kunt ook kiezen voor beheerd beleggen. Tegen een bepaalde fee beleggen experts jouw geld voor je, in een door jou gekozen risicoprofiel variërend van zeer defensief tot zeer offensief. Je kunt doorgaans de vorderingen volgen in een app.

De angst om toeslagen te verliezen kan mensen ervan weerhouden om meer te gaan werken. De WerkUrenBerekenaar van Nibud komt dan goed van pas. Handig voor wanneer je overweegt je dienstverband uit te breiden of als je wilt weten wat een andere werk-zorg verdeling voor het huishoudinkomen betekent.

Veel mensen zijn zich er van bewust dat meer werken negatieve gevolgen kán hebben voor het uiteindelijke inkomen. Meer of minder uren werken heeft immers niet alleen gevolgen voor het salaris, maar ook voor toeslagen, belasting en pensioenpremies. Dat weerhoudt werknemers er geregeld van om de stap naar een groter dienstverband te zetten. Terwijl meer werken in veel gevallen wel degelijk kan lonen. Dankzij de WerkUrenBerekenaar van Nibud becijfer je wat er onder aan de streep overblijft.

Om de tool te gebruiken moet je een aantal vragen over je werksituatie, gezinssamenstelling, vaste lasten en inkomsten invullen. Vervolgens laat de WerkUrenBerekenaar zien wat de gevolgen voor jouw financiën zijn als je meer of minder uren gaat werken. Je krijgt een indicatie van het te verwachten netto inkomen.

Deeltijdklem

De WerkUrenBerekenaar is door iedereen te gebruiken, maar heeft mede als doel het openbreken van de ‘deeltijdklem’, waar voornamelijk vrouwen in Nederland door gegrepen worden. In veel sectoren waarin voornamelijk vrouwen werken, zoals het onderwijs en de zorg, is in deeltijd werken de norm. Hierdoor gaan mensen als vanzelf parttime werken, vaak zonder voldoende inzicht te hebben in wat dit voor hun financiële situatie betekent.

Dankzij de tool kun je uitrekenen wat het uitbreiden van je dienstverband betekent. Of samen met je partner uitrekenen wat er financieel gebeurt wanneer beide partners vier dagen gaan werken, in plaats van de een vijf en de ander drie. Wil je naast het aantal uren werk ook het aantal uren kinderopvang aanpassen? Vul dan de WerkZorgBerekenaar in.

Of je nu werknemer of zzp’er bent: in beide gevallen kun je zelf fiscaal voordelig geld opzij zetten voor je pensioen. De inleg is aftrekbaar. Wil je nog dit jaar van een belastingvoordeel profiteren, leg dan vóór 31 december 2024 een bedrag in. Door de nieuwe pensioenregels is de ruimte om in te leggen voor veel mensen groter dan voorheen.

Werknemer

Ben je in loondienst, dan bouw je vaak pensioen op via je werkgever. Maar niet altijd bouw je het bedrag op dat door de overheid als fiscaal maximum is vastgesteld. In dat geval heb je ‘jaarruimte’ en je mag die ruimte benutten door geld te storten in een lijfrente of in een bankspaarproduct. De fiscus betaalt mee: de inleg is namelijk aftrekbaar en dat merk je wanneer je in het voorjaar aangifte gaat doen. Bovendien betaal je over het bedrag dat je hebt ingelegd geen vermogensbelasting.

Om je jaarruimte te berekenen heb je je factor A over 2023 nodig, die vind je op het Uniform Pensioen Overzicht (UPO) dat je van je pensioenuitvoerder krijgt. Op de site van de Belastingdienst kun je een berekening maken. Je financieel adviseur kan je hierbij helpen en de voor jou meest geschikte aanbieder zoeken om je geld onder te brengen. Dat heeft ook te maken met je risicobereidheid en je doelen.

Zelfstandige

Ben je zelfstandige dan bouw je geen pensioen op via een werkgever. Je moet zelf geld opzij zetten voor later. Veel zelfstandigen deden dat via de oudedagsreserve, maar dat kon in 2022 voor het laatst, deze mogelijkheid is vervallen. Wie in 2024 fiscaal voordelig wil inleggen voor later (je kunt de inleg aftrekken van de winst) is aangewezen op een lijfrente of banksparen. Om de ruimte te berekenen heb je je aangifte en jaarrekening over 2023 nodig. Je financieel adviseur kan je helpen om de diverse keuzes te maken: hoeveel ga je inleggen of is het verstandig om ook wat geld liquide te houden, hoeveel risico wil je lopen en wat zijn eigenlijk je wensen als het gaat om je leven na de pensioendatum?

Twijfel?

Twijfel je of het verstandig is om geld in een product voor later te storten en daarmee dus ook vast te zetten? Want dat is een belangrijke spelregel: je ziet het geld pas weer terug wanneer je met pensioen gaat. Tussentijds afkopen kan ook, maar dat is erg onvoordelig. Zet je je spaargeld liever in om je lasten te verlagen door de hypotheek versneld af te lossen of duurzame maatregelen in je woning te treffen? Zet de verschillende opties eens op een rij (of laat het doen door een financieel planner) en ga na hoe je financiële situatie bij pensionering eruit ziet.

Wil je in het nieuwe jaar een hypotheek afsluiten? Met de overgang van 2024 naar 2025 veranderen sommige regels weer. Van nieuwe leennormen tot hogere bedragen en lagere kosten voor de Nationale Hypotheek Garantie (NHG). Daardoor kunnen de hypotheekregels in 2025 jouw mogelijkheden als koper verruimen.

Zo gaat de NHG-grens in 2025 omhoog van € 435.000 naar € 450.000. Dit betekent dat je volgend jaar in aanmerking kunt komen voor de hypotheekgarantie als het huis dat je koopt – inclusief eventuele verbouwingskosten – niet meer dan € 450.000 kost. Een uitzondering geldt als je jouw huis energiezuiniger wilt maken. Dan kun je zelfs tot € 477.000 lenen.

De voordelen van NHG zijn een lagere hypotheekrente en extra zekerheid als je je huis gedwongen moet verkopen. In dat geval vergoedt NHG, onder voorwaarden, het verschil tussen de verkoopprijs van je woning en je openstaande hypotheekschuld.

NHG-kosten omlaag

Ander goed nieuws is dat je in 2025 minder betaalt voor die garantie. De kosten dalen van 0,6% naar 0,4% van het hypotheekbedrag. Voor een hypotheek van € 450.000 scheelt dit € 900. Deze kostenverlaging maakt de NHG-regeling in 2025 extra aantrekkelijk.

Vrijstelling overdrachtsbelasting voor jonge kopers

Ben je tussen de 18 en 35 jaar en wil je een eigen woning gaan kopen? Dan kun je in aanmerking komen voor de startersvrijstelling op de overdrachtsbelasting. Die is normaal 2% van het aankoopbedrag, maar die bespaar je als je gebruik kunt maken van de vrijstelling. Volgend jaar geldt die vrijstelling voor huizen met een aankoopprijs van maximaal € 525.000. Dat is € 15.000 meer dan in 2024. Voorwaarde is dat je niet eerder gebruik hebt gemaakt van deze vrijstelling.

Hypotheek 2025: leennormen en salarisverhoging

Hoeveel je volgend jaar kunt lenen voor de aankoop van een huis, wordt bepaald door de nieuwe leennormen. Die zijn opgesteld door het Nibud. Huishoudens met een inkomen vanaf € 55.000 kunnen in 2025 iets minder lenen dan nu. Voor lagere inkomens is er juist een lichte stijging.

Het Nibud rekent er echter op dat de lonen omhoog gaan. Bij een loonstijging van 4,3% betekent dit dat je tussen de € 10.000 tot € 20.000 meer mag lenen voor je huis dan nu. Kun jij een loonsverhoging tegemoet zien en wil je exact weten hoe hoog jouw maximale hypotheek in 2025 is? Vraag me dan gerust om dit voor je uit te rekenen.

Financiële hulp door schenking

Ouders kunnen hun kinderen in 2025 nog steeds helpen bij het kopen van een huis door belastingvrij te schenken. Daarvoor gelden vrijstellingen die jaarlijks worden geïndexeerd. De verhoogde, eenmalige vrijstelling geldt volgend jaar tot een bedrag van € 32.195 per kind (tot 40 jaar).

Daarnaast mogen ouders elk jaar een bedrag aan hun kinderen schenken zonder dat hiervoor een leeftijdsbeperking is. In 2025 gaat het om € 6.713. Zo’n jaarlijks terugkerende schenking kan bijvoorbeeld een manier zijn om de maandlasten beter betaalbaar te maken. De twee genoemde bedragen zijn overigens aannames op basis van indexatiecijfers; de definitieve bedragen worden binnenkort bekend.

Hypotheekrenteaftrek en eigenwoningforfait

De hypotheekrenteaftrek blijft bestaan in 2025. Hierdoor kun je de betaalde rente gedeeltelijk aftrekken bij je belastingaangifte. Daarnaast is er het eigenwoningforfait: dit is een bijtelling die wordt berekend op basis van de WOZ-waarde van je woning. Als de WOZ-waarde stijgt, kan dit de hypotheekrenteaftrek beperken. Toch blijft de hypotheekrenteaftrek een aantrekkelijk voordeel voor huiseigenaren.

Erkend Hypotheekadviseur

Ben jij van plan om in 2025 een huis te kopen en wil je weten hoeveel hypotheek je kunt krijgen? Spelen er andere vragen over een lopende of nieuwe hypotheek? Neem dan contact met me op. Als Erkend Financieel Adviseur, ook bekend als Erkend Hypotheekadviseur, ben ik specialist op het gebied van hypotheken en andere financiële zaken. Ik adviseer je graag over jouw mogelijkheden.

Heb je stormschade, wat wordt dan vergoed en wat niet? En ben je tot nu toe de dans ontsprongen, hoe weet je dan of je voor een volgende storm goed verzekerd bent?

Wordt schade aan mijn woning vergoed?

Als je een koopwoning hebt, zul je hiervoor een inboedel- en opstalverzekering af hebben gesloten; deze verzekeringen dekken in de regel ook schade door storm. Heb je een huurwoning? Dan heb je vaak voldoende aan alleen een inboedelverzekering, maar let er hierbij wel op dat eventueel eigenaarsbelang (zoals een schutting in de tuin) is meeverzekerd; dit is vaak niet standaard geregeld en zul je dus zelf aan moeten geven. Voor stormschade is vaak een (hoger) eigen risico van toepassing; neem contact op met je adviseur om navraag te doen of dit bij jou ook van toepassing is. Schade door slecht onderhoud is niet verzekerd.

Mijn auto is beschadigd door de storm, hoe zit het daarmee?

Met een autoverzekering is je auto verzekerd voor schade door rondvliegende takken, dakpannen en omvallende bomen. Hiervoor heb je wel een allrisk verzekering of een beperkt cascoverzekering nodig; is je auto alleen WA verzekerd, dan is schade door storm helaas niet gedekt. Volgens het Verbond van Verzekeraar heeft twee derde van het wagenpark in Nederland een beperkt casco of allrisk verzekering.

Wat moet ik doen als ik schade constateer?
  1. Het eerste wat je doet als je schade ontdekt, is deze zoveel mogelijk beperken. Ga na wat er precies is gebeurd, en kijk na of er geen verdere schade kan ontstaan.
  2. Breng de situatie in beeld: maak foto's. Op deze manier versoepel je het verzekeringstraject. Noteer hierbij de datum en het tijdstip van de opgelopen schade.
  3. Neem meteen contact op met je verzekeringsadviseur of je verzekeraar. Bij veel verzekeraars kun je online een schadeformulier invullen. Kom je er niet uit: vraag je adviseur om hulp.
Hoe zorg ik dat ik goed verzekerd ben?

Het is verstandig om je polisvoorwaarden even na te kijken. Is er bijvoorbeeld sprake van een eigen risico? En stelt de verzekeraar bepaalde voorwaarden? Vaak wordt van verzekerden verwacht dat zij aan de verzekeraar doorgeven dat er bepaalde vernieuwingen aan de woning zijn doorgevoerd, zoals een schuurtje, uitbouw of zonnepanelen. Heb je zonnepanelen? Niet alle verzekeraars vergoeden ook het verlies in stroomopbrengst.

Voorkomen is natuurlijk altijd beter dan genezen. Een verzekeraar kan uitkering weigeren als de schade voorzien was. Dus is er in je achtertuin een boom scheef gewaaid, onderneem dan actie om erger te voorkomen bij een volgende storm. Zijn er al dakpannen verschoven, zorg dat ze opnieuw bevestigd worden. En in algemene zin: zorg dat je huis goed is onderhouden.

Je houdt de warmte graag binnen, maar kom niet in de verleiding je huis hermetisch af te sluiten: ventileren is van groot belang als het gaat om het voorkomen van een koolmonoxidevergiftiging. Waar rookmelders sinds juli 2022 wettelijk verplicht zijn, zijn CO-melders dat nog niet. Je doet er goed aan ze toch in huis te halen. En ken je ook de andere voorzorgsmaatregelen?

Ieder jaar overlijden in Nederland gemiddeld 5 tot 10 mensen door koolmonoxidevergiftiging. Nog eens honderden mensen belanden in het ziekenhuis. De Onderzoeksraad voor Veiligheid vermoedt dat het werkelijke aantal slachtoffers 3 tot 5 keer groter is. Dit komt doordat een koolmonoxidevergiftiging vaak niet wordt herkend omdat de klachten zoals hoofdpijn, duizeligheid of misselijkheid ook bij allerlei andere aandoeningen kunnen voorkomen.

Melder

In de helft van de ongevallen met koolmonoxide is de cv-installatie de oorzaak. Maar ook geisers, boilers, kachels, haarden en kooktoestellen kunnen leiden tot een koolmonoxidevergiftiging. Een koolmonoxidemelder kan je op tijd waarschuwen. Plaats zo’n melder in ieder geval in de ruimte van het verwarmingstoestel of de open haard. Lees hier waar je ze het beste kunt plaatsen. Het is soms ook mogelijk om een combimelder op te hangen, die waarschuwt voor zowel rook als koolmonoxide. Houd er ook rekening mee dat je ze tijdig vervangt.

Ventileren en controleren

Daarnaast is het belangrijk om in huis goed te ventileren. Zorg dat er altijd een raampje of een luchtrooster openstaat. Ook is het sterk aan te raden om je verwarmingstoestel zoals cv-ketel, geiser, gashaard of kachel minimaal één keer per jaar te laten controleren. Vanaf 1 april 2023 mag dit alleen nog gebeuren door een gecertificeerd bedrijf. Het is zelfs verboden om zelf aan deze apparaten te klussen. Een CO-vrij gecertificeerd installatiebedrijf is te herkennen aan het CO-vrij logo.

1. Wat is jaarruimte en hoe werkt het?
Jaarruimte is het bedrag dat je extra mag sparen voor je pensioen, en dat je mag aftrekken van de belasting. Dit is vooral handig als je te weinig pensioen opbouwt via je werk of als je zzp'er bent. Je kunt bijvoorbeeld een lijfrente gebruiken om dit te regelen. Hoe minder pensioen je via je werk opbouwt, hoe meer jaarruimte je hebt.

2. Hoe bereken ik mijn jaarruimte?
Het berekenen van je jaarruimte kan ingewikkeld zijn. Gelukkig kun je het makkelijk berekenen op de website van de Belastingdienst. Daar staat een handige tool die je helpt. De hoogte van je jaarruimte hangt af van jouw persoonlijke situatie, bijvoorbeeld of je in loondienst bent of zzp’er. Heb je vragen? Wij helpen je graag verder!

3. Kan ik mijn jaarruimte later nog gebruiken als ik die nu niet benut?
Ja, dat kan! Dit heet reserveringsruimte. Je mag jaarruimte die je in de afgelopen 10 jaar niet hebt gebruikt, alsnog benutten. In 2024 kun je dus niet-benutte jaarruimte van 2014 tot en met 2023 inhalen. Let op: je moet eerst de oudste niet-benutte ruimte gebruiken.

4. Tot wanneer kan ik mijn jaarruimte storten?
Je hebt tot 31 december van elk jaar de tijd om je jaarruimte te storten. Vanaf 1 januari begint er weer een nieuw jaar en dus nieuwe jaarruimte.

5. Is jaarruimte alleen interessant voor mensen met een hoog inkomen?
Nee, iedereen kan profiteren van jaarruimte, ongeacht je inkomen. Je krijgt altijd belastingvoordeel, ongeacht hoeveel je verdient. Als je een hoger inkomen hebt, kan het belastingvoordeel wel groter zijn, omdat je meer belasting betaalt over een hoger inkomen. Het hangt dus af van jouw situatie.

6. Wat zijn de voordelen van jaarruimte benutten?
Er zijn drie belangrijke voordelen:
Je betaalt minder belasting. Het bedrag dat je voor je pensioen spaart, mag je aftrekken van je belastbare inkomen.
Je bouwt extra pensioenvermogen op voor later, zodat je genoeg geld hebt als je stopt met werken.
Je betaalt pas belasting als je het pensioen ontvangt, wat vaak gunstiger is omdat je dan minder belasting betaalt dan nu.

7. Wat is er veranderd aan jaarruimte sinds 2023?
Sinds 1 juli 2023 is er door de Wet toekomst pensioenen (Wtp) het een en ander veranderd:
Je jaarruimte is verhoogd naar 30% van je pensioengevend inkomen (was eerst 13,3%).
Je kunt nu niet-benutte jaarruimte van de afgelopen 10 jaar inhalen (was eerst 7 jaar).
Je mag tot 5 jaar na je AOW-leeftijd jaarruimte blijven inleggen (was tot aan je AOW-leeftijd).

8. Wat zijn de fiscale cijfers voor jaarruimte in 2024?
Maximale jaarruimte in 2024: € 36.077
Maximale reserveringsruimte in 2024 (inhalen tot 10 jaar terug): € 41.608
Maximale inkomen waarover je jaarruimte mag berekenen: € 137.800
AOW-franchise 2024: € 17.545

Vaak gaan mensen zich pas in de voorwaarden van hun autoverzekering verdiepen als er iets aan de hand is. Maar het kan je veel geld schelen wanneer je al in het selectieproces naar de kleine lettertjes kijkt of laat kijken. Wie bij het selecteren van een autoverzekering alleen op de premie afgaat, doet zichzelf flink tekort.

In dit artikel op Finfin vind je de belangrijkste polisvoorwaarden voor een autoverzekering. Eén daarvan is de situatie bij totaal verlies van de auto. Veel mensen denken dat als ze een volledig cascoverzekering hebben afgesloten voor hun nieuwe auto ‘het wel goed zit’. Er zitten echter grote verschillen tussen de uitkeringsregelingen. Dat heeft vooral te maken met het verschil tussen de dagwaarde en de nieuwwaarde.

Omslag

In het derde verzekeringsjaar van een nieuwe auto blijkt er bij meerdere verzekeraars een omslag in de uitkeringsregeling te zijn. Op dat moment biedt 32% van de aanbieders een uitkering op basis van de dagwaarde en nog maar 55% een uitkering op basis van de (veel) hogere actuele nieuwwaarde aan. De overige aanbieders hanteren een afschrijving op de nieuwwaarde of de aanschafwaarde. Ook is het belangrijk om te letten op de situatie van een tussentijdse prijsstijging: die is lang niet altijd meeverzekerd. Dat onderzocht onderzoeksbureau MoneyView.

Tweedehands

Ook voor tweedehands auto’s loont een vergelijking de moeite. In het eerste verzekeringsjaar biedt 87% van de aanbieders een uitkering op basis van de aanschafwaarde. De overige 13% keert de schade uit op basis van de (lagere) dagwaarde. In het tweede jaar zijn er meer aanbieders die, in plaats van de aanschafwaarde, de dagwaarde vergoeden of de aanschafwaarde minus een vaste afschrijving. De aanschafwaarde is dan nog van toepassing bij 76% van de verzekeringen, zo zocht MoneyView uit.

Schadevrije jaren

Ook de schadevrije jaren zijn een belangrijk element om in je vergelijking mee te nemen. Verzekeraars moeten schadevrije jaren weliswaar op een uniforme wijze berekenen, maar ze geven niet allemaal dezelfde korting en de korting is niet overal even gelijkmatig verdeeld. Kies je als verzekerde bewust voor de meest voordelige autoverzekering, dan kan dat bij een wijziging in het aantal schadevrije jaren weer veranderen. De goedkoopste verzekering kan na één schade weleens een van de duurdere verzekeringen zijn.

Meer lezen?

Staat je auto vaker stil? Check of je kunt besparen op je verzekeringspremie!
Lees de tips en sluit niet zomaar een autoverzekering af
Hoe verzeker je je auto? Allrisk, beperkt casco of WA?

Documenten

Privacy

Developed by MDesign Web+ Graphic Studio & ISL Marketing
BSB Verzekeringen is onderdeel van:
menu linkedin facebook pinterest youtube rss twitter instagram facebook-blank rss-blank linkedin-blank pinterest youtube twitter instagram